zondag 21 december 2014

Post Zuid (8)

Rookzanger heeft, daartoe verleid door romantische fantasieën over het mooie buitenleven der postbodes, een tijdelijk overschot aan vrije tijd en de hopelijk eveneens tijdelijke behoefte aan extra verdiensten (of misschien in een vlaag van verstandsverbijstering) zich aangemeld als decemberhulp bij de posterijen. De komende tijd doet hij daarvan verslag.


Dag 10.

Meestal als ik op het depot aankom is er alleen een stille, humeurige Aziatische jongen die toezicht houdt op de aanvoer van de post en de inname van de lege tassen. Vandaag is het druk. Er liggen miniatuurkerstbroodjes op een tafel waarvan ik er, als tijdelijke kracht, geen durf te nemen. De teamleider geeft me een oranje jasje, om ‘herkenbaar’ te zijn. Ik vraag me af waarom dat pas na twee weken gebeurt. Ik trek het aan met een mengsel van ijdelheid en nederigheid. Tijd voor een selfie.

Mijn tassen zijn overvol en ik weet niet goed hoe ik de bundels reclame het handigst moet wegbergen. Eerst maar eens lopen en wat massa kwijtraken. Het stormt, de foldertjes dreigen weg te fladderen iedere keer als ik een nieuw pak post van onderop moet opgraven. Rob zou er wel iets op weten. Ik werk flink door, in hagel- en regenbuien, en na ruim drie uur is de kar leeg. Sommige mensen hebben misschien een Gall & Gall-flyer te veel gekregen of een folder van Deen gemist, maar alle kerstpost is keurig bezorgd. Ik weet nu in elk geval waarom ze in december extra mensen nodig hebben bij PostNL.

’s Avonds op een familiefeestje suggereert mijn jongste broer dat ik in deze stukjes van een mug een olifant maak. ‘Leuke verhaaltjes hoor, maar dát is nou werk – zo werken de meeste mensen.’ Ik ga de discussie niet aan over de aard van het kunstenaarschap (wij werken dag en nacht, of nooit, hoe je het maar wilt zien) want ik ben veel te blij vandaag een gewoon mens te zijn, die uitrust van zijn gewone werk, en zich verpoost te midden van dierbare, gewone medemensen.

Geen opmerkingen: