dinsdag 6 juni 2017

Hellend Vlak


Theater op locatie hoort echt bij de zomer. Ik ben niet zo'n feestelijk type en ik zou uit eigen beweging niet snel naar zulke evenementen gaan. Maar ik ben gezegend met een ondernemende vriendin die er graag op uittrekt en welwillend staat tegenover de initiatieven van jeugdige theatermakers, en zo heb ik in de afgelopen jaren al heel wat muziek, dans, toneel of mengelingen daarvan meegemaakt, in fabriekshallen of loodsen, in bos of veld.
Eerste Pinksterdag zat ik met een tablet in mijn hand en scrolde door het aanbod van De Karavaan, een festival, verspreid over Noord-Holland. De meeste voorstellingen waar mijn vriendin haar zinnen op had gezet bleken uitverkocht of al afgelopen, en stiekem hoopte ik dat de karavaan aan mij voorbij zou trekken. Er bleek er nog een te zijn die in aanmerking kwam. Maar omdat we moesten wachten op de eventuele komst van de schapenscheerder besloten we niet te reserveren. De schapenscheerder kwam niet, en om drie uur reden we op de bonnefooi naar Oudorp, vlak bij Alkmaar.
Een molen stond fier onder de lucht van zomerwolkjes. Op het aangrenzende water lag het schuine dak van een verzonken huis. Op dit hellend vlak zou de dansvoorstelling worden gegeven, die dan ook Hellend Vlak was genoemd. We gingen naar de kassa. Er was nog één kaartje. Wat nu toe doen? Dat was niet moeilijk, vond ik. Mijn vriendin moest maar gaan kijken. Ik zou wel een uurtje op een rieten stoel aan de waterkant doorbrengen. Geen straf. Ik kon zelfs van een afstand desgewenst nog wat van het dansen meekrijgen.
Mijn besluit was genomen, en toen er om vier uur grootmoedig werd gezegd dat ik toch wel een stoeltje mocht bijschuiven, woedde er even een hevig gewetensconflict in me. Maar manmoedig zei ik, dat ik maar liever bleef waar ik was. Ik zat daar zo prettig, en had nog wel het een en ander te overdenken.
Zo bracht ik een heerlijk uur door achter de schuur die als bar diende. Om me heen schoten gele lissen op. Er lag zinken tuin- en keukengereedschap. Nu en dan gleed er een bootje voorbij. De molenaar kwam naar buiten en maakte een praatje met de kaartverkoper. Het was er vredig, waar ik zat, buiten de wereld en er toch middenin. Ik keek naar het honderdtal mensen dat verderop op een tribune verdiept was in het geworstel met de zwaartekracht van de dansers. Een vlaag muziek bereikte me af en toe. Die mensen leefden een uur lang in een illusie, ze keken collectief naar een levende smartphone, en ik sloeg hen gade. Toch was ik geen echte buitenstaander, want ik mocht hier zijn en straks zou mijn vriendin zich weer bij me voegen.
Er klonk applaus en de menigte kwam terug en verspreidde zich over het terrein, dat nu niet meer van mij, de kaartverkoper, de bardame en de molenaar was. Er waren Turkse pizza's. We praatten wat na over de voorstelling, die ik niet gezien had. Het was een mooie middag geweest.


(Foto: Emile de Jong)

Geen opmerkingen: