Ik was niet uitgerust - de slaap had niet snel willen komen de avond ervoor -, maar zodra ik buiten kwam voelde ik me opgefrist: het was minder koud, windstil en de geur van regen hing in de lucht. Ik ademde diep in en ging op pad naar het huis van mijn Italiaanse vriend bij wie ik koffie zou gaan drinken - we hadden veel te bespreken en ik had een boekje bij me dat ik op verzoek van de uitgever aan hem moest overhandigen, met de complimenten.
Een klein halfuur later belde ik aan.
Niets. Ik herinnerde me zijn herhaalde instructies om vooral ferm te drukken, want de ouderwetse bel had kuren. Nog eens drukte ik, en weer, met verschillende druk en duur. Weer bleef het vertrouwde gestommel in het trappenhuis, begeleid door mompelend commentaar, uit. Ik deed een paar stappen terug en keek omhoog. Er brandde geen lampje boven de computer die aan de raamkant stond. Ik appte (ik sta voor je deur, ben je thuis?) en begon te schilderen, zoals dat in oude Maigrets heet; "wachtend op en neer lopen" volgens de Van Dale - Maigrets inspecteurs doen het nogal eens als ze een bepaald verdacht pand moeten bewaken.
Toen er een kwartier voorbijgegaan was liet ik het boekje in de brievenbus glijden en liep terug naar huis. Ik besloot een andere route dan normaal te nemen, binnendoor, langs het water, en niet langs de C.-laan. Er passeerde me een vrouw. We knikten elkaar toe. Ik keek nog eens. Ja, dat was R. Ik riep haar naam: R.! Ze draaide zich om, herkende me, spreidde haar armen en omhelsde me.
Maak je nog steeds muziek, was een van de eerste dingen die ze wilde weten. Ze was anderhalf decennium ouder dan toen, en ik ook. Een godswonder dat we elkaar meteen herkenden, maar voormalige kliniekgenoten hebben een intensieve tijd doorgemaakt samen die niet snel uit te wissen is. Mij ging het wel goed, zei ik; al die wissewasjes en schommelingen in gevoelstemperatuur kon je op deze grote schaal wel buiten beschouwing laten. Ze nam een pepermuntje.
Ik had het allang geroken. Ze vertelde dat ze tien jaar geen druppel had gedronken, maar na een scheiding en een gedwongen verhuizing was het weer raak geweest. De flessen wodka waren niet aan te slepen. Ze lachte erbij. Overmorgen ga ik weer naar de kliniek, zei ze. Solutions, in V. 'Ben ik al eerder geweest. Ach ja, het leven is vallen en opstaan, we moeten er maar niet zo'n enorm probleem van maken,' meende ze luchtig. We praatten over wederzijdse bekenden.
I. was inmiddels overleden, wist ik dat? Ja, ik wist er alles van. Ik had in mijn boek Een klein verwend jongetje een hoofdstuk gewijd aan de geschiedenis van I. en R. Onder schuilnamen uiteraard. Nu bleek dat alles heel anders was gegaan dan de grootsprekende, fabulerende I. me destijds had wijsgemaakt, ik geloofde R. op haar rulle wodka-woord, zij zat niet in de reclame, zoals I.
Sterker nog, ze had in haar lange droge jaren in de verslavingszorg gewerkt, onder ons beider verslavingsarts W.S. ('Mijn held', zei ze) die ik als Dr. Siegfried Nimsgern in dat genoemde boek heb opgevoerd. Met hem ging het slecht, hij had 'overal kanker', en dat met twee jonge kinderen... Ik schudde meelevend mijn hoofd en was blij dat ik zo'n sympathiek portret van hem had geschetst in die roman. We namen afscheid, ze omhelsde me opnieuw, die wodka-adem rook vertrouwd en eigenlijk best lekker, ik wenste haar veel succes in de kliniek.
Het toeval wil, dat ik juist dezer dagen bezig ben met een grondige revisie van dat boek. Ik schraap er alle literaire glazuur vanaf die ik er destijds uit onzekerheid op aangebracht heb en behoud de basistekst zonder franje. Moest ik nu die hele 'liefdesgeschiedenis' tussen die twee herschrijven? Ik besloot van niet. Het was het verhaal van I. dat ik uit zijn mond had opgetekend. Of dat historisch juist was donderde niet, voor wat dat boek betreft.
Het toeval wilde, dat mijn vriend niet thuis was (niks ernstigs gelukkig, hij had zich vergist in de datum) en het toeval wilde dat ik een andere route naar huis nam. Een mislukte excursie leverde een mooie ontmoeting op.
Maar dat het slecht gaat met Dr. Nimsgern wierp een schaduw over de rest van de dag.
(Dobbelstenen: Lyra's Hoard)

Geen opmerkingen:
Een reactie posten